Film: hoe het werkt
Om filmmaker te worden, moet je een verhalenverteller zijn. Zoals Fazal zegt: “Films draaien rond verhalen vertellen. Politici vertellen verhalen om stemmen te winnen, winkeliers vertellen verhalen om spullen te verkopen en de rijken vertellen verhalen om hun rijkdom te verbergen. De wereld is aan de verhalenvertellers. Het is een kunst om te weten hoe je verhalen vertelt; hoe je leugens vertelt.”
Maar om verhalen te vertellen, heb je techniek nodig. Ook daarover gaat LAST FILM SHOW.
Wanneer Samay met zijn vrienden probeert een filmprojector te knutselen, doorloopt hij diverse stappen uit de filmgeschiedenis.
Stap 1. Hij maakt een kijkdoos. Terwijl kinderen door een gleuf in de doos kijken, imiteren Samay en zijn vrienden aan de andere kant een filmscène: hij laat een cape wapperen in de wind (alsof het personage vliegt), ze doen geluiden van een auto na en kinderen hollen voorbij het kijkgat met takken, zodat het lijkt of het landschap aan onze ogen passeert.
Zo werden vroeger o.a. scènes in een auto opgenomen. In deze scène uit de oude James Bond film DOCTOR NO zie je hoe de auto eigenlijk stilstaat, terwijl er op de achtergrond beelden van een voorbij suizend landschap worden geprojecteerd. Zo lijkt het alsof de auto rijdt.
Stap 2. “Als we licht willen projecteren, moeten we het eerst vangen.” Dus gaan Samay en zijn vrienden experimenteren met licht: fel zonlicht, een lichtstraal op de vloer, de reflectie van licht in een spiegel, een schaduwspel op de muur,... Licht is de basis van alle filmtechnologie. Pan Nalin: “Al voor ik cinema ontdekte, vond ik ‘licht’ een magisch gegeven. Ik stelde voortdurend vragen aan mijn ouders: Waar komt het licht vandaan? Wie heeft het licht gemaakt? Waar gaat het ‘s nachts heen? Zelfs toen ik alles leerde over licht, schaduw en reflectie, besloot ik die kennis te negeren om de magie van het licht niet te verpesten.”
Stap 3. Samay bestudeert weggegooide stukjes film en begrijpt dat het verhaal beeldje per beeldje op de pellicule (= de strook kunststof waarop de filmbeelden staan en die door de projector loopt) staat. Samay probeert het verhaal terug in elkaar te knutselen en vult de ontbrekende stukjes aan met zijn eigen fantasie.
Stap 4. Wat de kinderen doen, is eigenlijk experimenteren met fysica en wetenschap. Ze knutselen een primitieve projector; er is al wel beeld maar nog geen beweging. Daarvoor zijn ze één onderdeel vergeten - zoals Samay leert van Fazal - namelijk, de sluiter.
Stap 5. “Kijk naar het scherm en knipper snel met je ogen. Het lijkt alsof je de hele tijd filmbeelden ziet, maar zo is het niet; je ziet ook zwart. Eigenlijk stopt het telkens even, na elk beeld. Tussen het licht en het beeld is er een sluiter die het licht afsnijdt. Open, dicht. Idioten die drie uur lang in de bioscoop zitten, beseffen niet dat ze een uur lang naar het donker kijken.” De kinderen gaan op zoek naar nieuw materiaal voor de projector. Ze zagen, lassen en slijpen om een degelijk apparaat te bouwen, met een sluiter erbij (die ervoor zorgt dat we ‘beweging’ zien in de opeenvolgende beelden). Alleen het geluid ontbreekt nog.
Stap 6. Omdat de kinderen de klank niet kunnen afspelen (daarvoor heb je een echte projector nodig) doen ze zelf de geluiden van de klankband na met spulletjes die ze verzameld hebben: flesjes, een speelgoedpistool, kralen en stenen om mee te rammelen, ijzer om op te slaan, enz. Dat gebeurt in werkelijkheid ook. Om het geluid zo zuiver mogelijk te krijgen, wordt het vaak niet op de set met de acteurs opgenomen, maar pas achteraf gemaakt door een zogenaamde foley artist. Die gaat eigenlijk net zo te werk als de kinderen in de film: met allerlei voorwerpen (en met geluiden uit een digitale ‘geluidenbank’) stelt hij de klankband van de film samen. In deze clip zie je hoe 10 vertrouwde geluiden uit films eigenlijk worden opgenomen.
In de cabine van de bioscoop leert Samay van Fazal hoe de projector werkt; dat is het apparaat dat de film vanop de pellicule projecteert op het scherm. Nieuwsgierig bestudeert Samay alle objecten in de cabine: de grote filmspoelen, de lenzen, de lampen, het apparaat waarmee je stukjes beschadigde pellicule uit de film knipt,... We zien de film door het apparaat rollen, langs allerlei spoelen en bobijnen. Zo werden vroeger ook in onze bioscopen films geprojecteerd. Vanuit de cabine kan je het resultaat vooraan in de zaal op het witte doek zien. Samay kan hier de films dus niet enkel projecteren, maar ook bekijken.